Aectual

  • Noem iets, en je kunt het printen met een 3D-printer. Een poppetje naar evenbeeld van jezelf, een kunstig chocolaatje, ja, zelfs een compleet huis. Al komt er bij dat laatste behoorlijk wat kijken. Je hebt er immers a) een supergrote printer b)ontzettend veel materiaal voor nodig. Maar DUS Architects kan het. ProtoSpace werkte mee aan de XL Printer.

  • Hedwig Heinsman (geboortejaar 1980) is een van de oprichters van DUS Architects. “Zo’n vijf jaar terug onderzochten wij de mogelijkheden voor een grootschalige 3D-printer. Doel: onderdelen van gebouwen printen.” En passant werd de bouwwereld opgeschud. “Want wat betekent deze nieuwe techniek voor het huisvesten van mensen in een steeds meer uitdijende wereld?” Het onderzoek mondde in 2013 uit in de KamerMaker, een XL 3D-printer. Een hoge, smalle container bedekt met zilverkleurige platen. Beneden in de ruimte staat de daadwerkelijke 3D-printer. Bovenin is plaats voor degene die de computer bedient. De KamerMaker print elementen van 2 x 2 x 3,5 meter. Inmiddels is er een tweede XL Printer in het leven geroepen, vertelt Heinsman, die tot 5 meter hoog kan printen.
    www.houseofdus.com

  • “Hiermee printen wij bouwelementen zoals trappen, geveldelen, vloerdelen. Eigenlijk maken wij de onderdelen van een enorm bouwpakket.” Het architectenbureau is bezig met het project 3D Print Canal House,

  • oftewel het printen van een ouderwets Amsterdams grachtenpand. Nee, het is nog niet af, zegt Heinsman. Maar als je wilt kijken hoe ver ze zijn, kun je een kijkje nemen aan de Asterweg 149 in Amsterdam.

  • Experimenteren met de printkop

    DUS Architects ontwikkelde de XL Printer mede samen met de Nederlandse 3D-printerfabrikant Ultimaker. Heinsman: “Met hen scherpten we het ontwerp aan.” Ook bij ProtoSpace onderzochten de architecten of hun nieuwe ideeën haalbaar waren. “ProtoSpace is voor ons een plek waar we onze ideeën kunnen uitproberen.”

    Zo experimenteerden de architecten met de extruder oftewel de printkop van de KamerMaker. Daarin gaan plastic korrels, legt Heinsman uit, die worden hard tegen elkaar aangeschroeft.

    Het maakt de korrels warm en vloeibaar als tandpasta. Met dat materiaal kun je laag voor laag bouwen.

  • Experimenteren met de printkop

    “We hadden al ervaring met het printen van kleine voorwerpen. Maar hoe print je enorme bouwelementen? Hoeveel materiaal moet je per seconde door die printkop ‘persen’? Hoeveel materiaal heb je nodig voor een sterke gevel? Dat soort zaken onderzochten we met ProtoSpace.” Momenteel bekijkt het architectenbureau of plastic afval, zoals oude shampooflessen, als materiaal kan worden gebruikt. Op die manier wil het bureau de plastic afvalberg helpen verkleinen.

    De eerste versie van de extruder maakten de architecten overigens zelf. “Die was heel precies maar ook langzaam. Op die manier zou het maanden duren voordat een gevel af zou zijn. Dat is niet efficiënt. De tweede versie is een industriële, snellere printkop geworden. Dat zijn stappen die we samen met ProtoSpace hebben gemaakt. Ze zijn open en laagdrempelig. En: je kunt tegen lage kosten bij hen testen.”

  • Lasersnijder

    Verder werkte het architectenbureau met de labmanagers van ProtoSpace aan de zogeheten lineaire techniek, de frame waarmee de printkop naar links en rechts en van boven naar beneden beweegt.

  • Lasersnijder

    “Dat is een ingenieus stukje engineering om dat strak te krijgen. Dat hebben we verder verbeterd met ProtoSpace.” DUS Architects maakte verder gebruik van de lasersnijder en de CNC frees van het fablab. Hiermee konden ze zelf sommige bouwonderdelen en mallen maken.

  • Permanente relatie

    DUS Architects kwam met het fablab in contact via Ultimaker. Helemaal toevallig is dat niet. De CEO van Ultimaker Siert Wijnia werkte als labmanager bij ProtoSpace; tegenwoordig zit hij in het bestuur van het fablab. 3D-printing expert Joris van Tubergen, creatief directeur bij ProtoSpace, stond met zijn masterclasses aan de wieg van de Ultimaker.

    Het architectenbureau heeft nog steeds regelmatig contact met Joris van Tubergen en Jan-Jaap Schuurman van ProtoSpace. “We hebben een permanente relatie met ze.

  • Lasersnijder

    Kort gezegd helpt ProtoSpace ons bij het verder ontwikkelen van de hard- en firmware kant van de KamerMaker.

    Zij doen suggesties voor verbeteringen. Ook brengt ProtoSpace een netwerk met zich mee. Als ze met een bepaald onderdeel niet kunnen helpen, helpen ze bij het vinden van anderen die het kunnen doen. Dat is ontzettend fijn. Via hen ontmoeten we interessante partijen.”

  • Community van architecten

    Of Nederland inmiddels helemaal klaar is voor 3D-printen? “Zeker. Met de KamerMaker kun je relatief makkelijk op maat forse, unieke voorwerpen maken. We zullen niet volgend jaar in geprinte huizen leven, maar wel steeds meer elementen van gebouwen printen met een 3D-printer.”

  • Community van architecten

    Het architectenbureau onderzoekt continue in hoeverre 3D-printen toepasbaar is voor de markt. “Ook hier denkt ProtoSpace mee over de praktische realisatie van toepassingsvormen.” Volgens Heinsman komen er al veel bouwbedrijven langs die interesse tonen in de nieuwe techniek.

  • Bijzondere vloer voor Schiphol

    DUS Architects werkt nu aan een groot ontwerp voor een 3D geprinte vloer. “ Die vloeren hebben patronen die naadloos op elkaar aansluiten en op die manier eindeloos doorlopen. Je ziet geen lijntjes dankzij onze toepassing. Dat is echt bijzonder. ” Via Aectual, een ander initiatief van het architectenbureau,

  • Bijzondere vloer voor Schiphol

    wordt een internationale community opgezet rondom architectonisch 3D-printen. “We ontwikkelen software waarmee makkelijker printproducten worden gemaakt.” Activiteiten genoeg dus, bij DUS Architects.

    “Maar de rode lijn bij ons is het 3D-printen.”

X